Etalagebenen en het risico op een hartinfarct of herseninfarct
Als je etalagebenen hebt, denk je misschien vooral aan de pijn in je benen tijdens het lopen. Maar etalagebenen vertellen ook iets over de rest van je lichaam. Ze zijn namelijk een teken dat slagaderverkalking niet alleen in je benen zit, maar mogelijk ook elders. En dat brengt risico’s met zich mee.
Waarom zijn etalagebenen meer dan een beenprobleem?
Etalagebenen ontstaan doordat de slagaders in je benen vernauwd zijn door slagaderverkalking. Maar slagaderverkalking is geen plaatselijk probleem. Het is een proces dat zich door het hele lichaam kan afspelen, ook in de slagaders naar je hart en hersenen.
Slagaderverkalking in de kransslagaders (de bloedvaten die je hartspier van zuurstof voorzien) kan leiden tot een hartinfarct. Als de halsslagaders in de nek aangedaan zijn, neemt het risico op een herseninfarct of TIA (een tijdelijke beroerte) toe.
Heb je etalagebenen? Dan is de kans groot dat er op meer plekken in je lichaam slagaderverkalking aanwezig is. Het risico op een hartinfarct of herseninfarct is bij mensen met perifeer arteriëel vaatlijden drie tot vijf keer zo hoog als bij mensen zonder deze aandoening.
Hoe werkt dat precies?
Slagaderverkalking begint met kleine beschadigingen aan de binnenkant van de bloedvatwand. Door ophoping van cholesterol, ontstekingscellen en kalk wordt de vaatwand langzaam dikker en minder elastisch. Vernauwingen kunnen ervoor zorgen dat bepaalde organen of spieren te weinig bloed en zuurstof krijgen.
Het gevaarlijkste moment is niet de langzame vernauwing zelf, maar wanneer zo’n ophoping plotseling scheurt. Als een plaque openscheurt, kan er snel een bloedstolsel ontstaan dat het vat afsluit. Dit kan leiden tot een acuut zuurstoftekort, en daarmee tot een hartinfarct of herseninfarct.
Wat betekent dit voor jouw behandeling?
Omdat het risico op hart- en herseninfarcten verhoogd is, richt de behandeling van etalagebenen zich op twee dingen tegelijk: de klachten in de benen verminderen én het risico op een hartinfarct of herseninfarct verlagen.
Patiënten met perifeer arteriëel vaatlijden worden medisch gezien ingedeeld als mensen met een zeer hoog risico op hart- en vaatziekten. De behandeling is dan ook gericht op het verlagen van dat cardiovasculaire risico, naast de symptomatische behandeling van de beenklachten.
Je huisarts houdt bij etalagebenen ook het cardiovasculair risicomanagement in de gaten. Dat betekent: bloeddruk, cholesterol en eventuele suikerziekte goed onder controle houden, én medicijnen die de kans op een stolsel verkleinen.
Wat kan de fysiotherapeut hierin betekenen?
De looptherapie bij de fysiotherapeut doet meer dan alleen je loopafstand vergroten. Door regelmatig te bewegen verbetert de conditie van je hart en longen. Uit de bronnen van het KNGF blijkt dat er aanwijzingen zijn dat gesuperviseerde looptherapie ook een positief effect heeft op de levensverwachting, doordat het aantal hart- en herseninfarcten afneemt.
Naast de training helpt de fysiotherapeut je bij leefstijlveranderingen: stoppen met roken, gezonder eten en meer bewegen. Dat zijn precies de factoren die ook het risico op een hartinfarct of herseninfarct verlagen.
Wat kun je zelf doen?
Het goede nieuws: slagaderverkalking kun je vertragen. Dat doe je door de risicofactoren aan te pakken.
Stop met roken. Roken beschadigt de vaatwand en versnelt het proces van slagaderverkalking sterk.
Beweeg regelmatig. Lopen is goed, ook als het pijn doet. De beweging verbetert je doorbloeding en versterkt je hart.
Eet gezond. Minder verzadigd vet helpt om het cholesterolgehalte te verlagen.
Houd je bloeddruk en bloedsuiker goed in de gaten. Zeker als je diabetes hebt of hoge bloeddruk, is goede controle extra belangrijk.
Bij RoerMotion werken hart-, vaat- en longfysiotherapeuten die gespecialiseerd zijn in de behandeling van etalagebenen. Ze helpen je niet alleen bij de looptherapie, maar ook bij de leefstijlveranderingen die je beschermen tegen een hartinfarct of herseninfarct. Neem gerust contact met ons op voor een afspraak.
